Maatregelen medewerker tegen blootstelling aan verontreinigde grond
Voor je begint
- Controleer of er gegevens bekend zijn over de kwaliteit van de bodem waarin je gaat graven. Indien geen gegevens bekend zijn: informeer bij je leidinggevende. Mocht er sprake zijn van middel tot zwaar verontreinigde grond, stop met de werkzaamheden/begin niet met werkzaamheden en informeer direct je leidinggevende.
- Gebruik je eigen zintuigen, verontreinigde grond is te herkennen aan:
- vreemde geuren en kleuren;
- bodemvreemde materialen zoals asbest, puin, asfalt, afval etc.
- aanwezigheid van drijflagen (olie);
- aantasting van bestaande kabels en leidingen;
- aanwezigheid van verpakkingen van chemische stoffen;
- geheel of gedeeltelijk afgestorven begroeiing;
- Bij mogelijk licht verontreinigde grond:
- gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals nitril handschoenen, een P3 halfgelaatsmasker en een wegwerpoverall, type 5/6. Draag ook altijd je veiligheidsschoenen en zorg dat je een desinfectiemiddel bij je hebt.
- Baken de werkplek af en zorg dat onbevoegden er niet bij kunnen.
- Eet, drink en rook niet tijdens het werk.
- Volg de voorlichting/toolbox.
Tijdens het werk:
- Was je handen, armen en gezicht als je het werk onderbreekt.
- Werk zoveel mogelijk met de wind in de rug.
- Leg uitgegraven grond op folie en dek deze direct af.
- Gebruik dezelfde grond weer om het gat te dichten.
- Staak het werk onmiddellijk bij klachten als irritatie, hoofdpijn, misselijkheid en duizeligheid. Meld dit bij je leidinggevende.
Als het werk klaar is:
- Maak het gereedschap dat met de verontreinigde grond in aanraking is geweest schoon.
- Doe de gebruikte wegwerpkleding en handschoenen samen met het filterstuk van het masker in een afvalzak en voer die met label af via de milieustraat als gevaarlijk afval.
- Maak overige gebruikte persoonlijke beschermingsmiddelen schoon en berg ze op.
- Was je handen, armen en gezicht.
Oplossing voor:
Werknemer
Oplossing status:
Goedgekeurd door de Nederlandse Arbeidsinspectie